Het VN-agentschap heeft gisteren de ‘ambachtelijke knowhow en cultuur van stokbrood’ op de lijst van ‘immaterieel cultureel erfgoed’ geplaatst.

Het Franse stokbrood – “250 gram magie en perfectie”, in de woorden van president Emmanuel Macron – een van de blijvende symbolen van de natie, kreeg op woensdag 30 november de UNESCO-erfgoedstatus.

Levensstijl

Het stokbrood, met zijn knapperige buitenkant en zachte middenstuk, is een typisch onderdeel van het Franse leven gebleven, lang nadat andere Franse stereotypen zoals baretten en knoflookslierten buiten de boot zijn gevallen.

Het VN-agentschap verleende de status van “immaterieel cultureel erfgoed” aan de traditie van het maken van stokbrood en de levensstijl ermee verbonden is.

Een uitgelezen moment

Volgens de Nationale Federatie van Franse Bakkerijen worden er elk jaar meer dan zes miljard gebakken in Frankrijk, maar de status van UNESCO komt op een uitgelezen moment.

Frankrijk verliest sinds 1970 ongeveer 400 ambachtelijke bakkerijen per jaar, van 55.000 (één op 790 inwoners) tot 35.000 vandaag (één op 2.000).

De achteruitgang is te wijten aan de industriële bakkerijen en supermarkten buiten de stad op het platteland, terwijl stedelingen steeds vaker ervoor kiezen het zuurdesem en de jambon beurre, oftewel het stokbroodje ham met boter, in te ruilen voor hamburgers.

Crème kern

Toch blijft het een heel gewoon gezicht om mensen met een paar baguettes onder hun arm het warme uiteinde eraf te zien kauwen als ze de bakkerij verlaten.

Er zijn nationale wedstrijden, waarbij de ‘kandidaten’ doormidden worden gesneden om juryleden in staat te stellen de regelmatigheid van de honingraatstructuur te beoordelen, evenals de kleur van hun binnenste, dat crème zou moeten zijn.

Maar ondanks dat het een onsterfelijk onderdeel van het Franse leven is, kreeg het stokbrood pas officieel zijn naam in 1920, toen een nieuwe wet het minimale gewicht (80 gram) en de maximale lengte (40 centimeter) specificeerde.

Met dank aan Le Monde