Rijke Hongaren zijn op geen stukken na rijk genoeg, net zo min als dat rijke Nederlanders en andere rijke wereldburgers zelden of nooit van mening zijn dat ze genoeg hebben. De problemen van de arme Hongaren zijn, een heel klein beetje anders, vergelijkbaar met die van de “minder welvarende” Nederlanders en wereldburgers.

Het grote verschil zijn de basis welstandsverschillen en de oplossingen die bedacht worden om meer geld te bemachtigen. Rijke wereldburgers gaan naar (Hongaarse?) casino’s terwijl de “gewone” mensen een spelletje spelen bij de een of andere lotto of (staats-)loterij, maar iedereen heeft de hoop dat ze hun situatie enigszins kunnen verbeteren. Rijke Hongaren gaan ook graag naar casino’s, ook wel in Boedapest, maar om te laten zien dat ze wat betekenen, hebben Monaco of vergelijkbare Europese, Arabische of Amerikaanse oorden toch wel een voorkeur. Gewone en niet welgestelde Hongaren spelen in Hongarije – net zo goed als de gewone en niet welgestelde wereldburgers overal in de wereld – bij de wekelijkse (Hongaarse) lotto’s en toto’s.

Volgens gepubliceerde cijfers van het Hongaarse persagentschap heeft de Hongaarse staatsloterij “Szerencsejáték” niet alle inkomsten aan prijzen uitgekeerd. Ze hebben natuurlijk ook – zo min mogelijk – bedrijfskosten gehad en gemaakt: ze hebben lonen uitbetaald, ze hebben administratie kosten gemaakt, hun breed gevoerde media campagnes hebben ongetwijfeld ook een paar lieve centen – pardon, Forinten – gekost, hun huisvesting is ongetwijfeld stijlvol en er is ook nog wat aan hun strijkstok blijven hangen, ongetwijfeld meer dan de gemiddelde (Hongaarse) violist gedurende zijn hele leven bij elkaar ziet.

Om de vergelijkingen in dit verhaaltje wat duidelijker te maken, haal ik nog even de minimumlonen van van het Internet:
Hongarije: 101.500 Ft. (334,60 Euro) en voor vakmensen: 118.000 Ft. (388,99 Euro). Natuurlijk per maand!
Het Nederlandse minimumloon voor volwassenen bedraagt 1485,60 Euro en dat is ook per maand.

De omzet – vrijwillige “belastinginkomsten” die door de gelukzoekers aan het Staatsbedrijf Szerencsejáték zijn betaald – was over 2013 maar liefst 243,3 biljoen Forint (243.300.000.000.000 Forint), wat overeen komt met ongeveer 798 miljoen (798.000.000) Euro. Omgerekend naar het minimum maandloon voor vakmensen (dat best wel verdiend wordt, maar zelden uitbetaald) betekent dat, dat bijna 200.000 mensen, van de kleine 10 miljoen Hongaren – inclusief kinderen en bejaarden – hun volledige inkomsten verspelen. Er wordt door de buitenlanders in Hongarije en door de buitenlanders in de buurland-grensstreken natuurlijk driftig meegespeeld – waarvoor dank, hartelijk dank!

De opbrengsten van het Staats-speel-bedrijf waren in 2013 14% meer dan het jaar daarvoor, misschien veroorzaakt door het verbannen van de slotmachines uit alle casino’s en speelhallen.
Er wordt natuurlijk wel wat afgeroomd. Het Staats-speel-bedrijf heeft bijvoorbeeld 205,6 miljoen Euro belastingen aan zichzelf, de staat bedoel ik, betaald en ook nog eens ruim 28 miljoen Euro aan dividenden aan zich zelf, aan de staat bedoel ik, uitgekeerd maar, niet getreurd, 71 miljoen Euro is besteed aan cultuur, film en sport.

Met zulke cijfers kan je je rustig afvragen hoe de arme Hongaren zich zo’n speelgedrag kunnen permitteren. Of zijn ze in werkelijkheid rijker zijn dan ze zich voordoen. Of is de loterij hun laatste onverstandige strohalm om te overleven of, en dat is misschien waarschijnlijker, hoeveel werk is door “vergeetachtigheid” niet in de boeken terecht gekomen en zijn die opbrengsten in de lotto-wasserij gereinigd.
Nu schreef ik dit omdat de Hongaarse Szerencsejáték cijfers mij op het idee hebben gebracht om over dit onderwerp te schrijven. Niet omdat alleen in Hongarije zulke cijfers mogelijk zouden zijn. Eigenlijk ben ik er van overtuigd, dat deze Hongaarse cijfers een wereldwijde situatie weerspiegelen.

Hoe dan ook, speelt U nog eens mee? het is allemaal voor “het” goede doel!