De dag was op 28 november 2013 georganiseerd door het Dutch Romanian Network (DRN). Burgemeester Hoekema heette de deelnemers in de prachtige zaal van zijn Raadhuis ‘De Paauw’ welkom. ‘Ik ben gast in mijn eigen optrekje, en dat ben ik graag. Ik zie een bekende onder u, Pieter Jan Wolthers, oud-ambassadeur in Roemenië. Ik ben een aantal keer in Boekarest geweest. Ook in het Grote Paleis van Ceausescu destijds. Nieuwsgierig als ik ben, heb ik toen door de gangen gedwaald. Niet voor te stellen, zo groot als dat was – en is. Nederland en Roemenië hebben een in- en uitvoer van 1, 1,5 miljard euro. Er is veel arbeidsmigratie. Er zijn veel mogelijkheden om die 1,5 miljard te vergroten. Er zijn al veel Nederlandse ondernemingen actief in Roemenië, hele grote als Heineken, ING en Philips, maar ook veel kleine bedrijfjes. Dat kunnen er meer worden. Ik wens u een vruchtbare dag toe.

Moderator Gerard Kuijs, ook “vice-president” van het Dutch Romanian Network: ‘Deze dag is georganiseerd door ons netwerk. Ik zou graag onze voorzitter, Ruud van Dusschoten op het podium willen vragen. Ruud van Dusschoten, werkzaam bij ING. ‘Ik ben nu een half jaar voorzitter, en ik zie tot mijn plezier dat het netwerk erg actief is en veel initiatieven neemt. Roemenië is een van de homemarkets van ING. Van de zijde van de overheden constateer ik dat diverse Roemeense ministers Nederland bezoeken, maar dat dat omgekeerd niet het geval is. Er zijn milestones bereikt afgelopen week. Zo is er een drempel weggenomen van de ‘Verlengingsregeling BTW’ voor zakendoen in Europa. Dat is belangrijk voor veel bedrijven. Met ons netwerk DRN kunnen we veel bereiken.

Ralph Hamers is onlangs voorzitter van de Raad van Bestuur van de ING geworden, hij heeft een Roemeense achtergrond en heeft ook in Roemenië gewoond. Dat is natuurlijk positief. Gerard Kuijs: ‘Pier Jan Wolthers, hier aanwezig en voorzitter van de Raad van Advies van DRN is ambassadeur in Roemenië geweest.’ Van Dusschoten vervolgt zijn verhaal. ‘Ik ben bij het economisch bureau van mijn bank langs geweest. Hoe gaat het met Roemenië? Ik kreeg als antwoord ‘Romania is shaping up. Het doet het beter dan Nederland. Voor 2014 zijn er goede vooruitzichten. Wel is het land sterk afhankelijk van West-Europa. Het is belangrijk dat het politiek rustig blijft. Er is een lange termijn groei te voorzien van 4,5% per jaar. En de euro wordt mogelijk in 2020 ingevoerd.’ Daarna werden de deelnemers in twee groepen verdeeld. Ik koos voor de bijeenkomst over Nearshoring in de Prins Frederik zaal.

Nearshoring betekent het uitbesteden van werk in landen die relatief dicht bij Nederland liggen. Herman Wierenga, inleider en werkzaam voor het bedrijf ORTEC in Roemenië: ‘We maken software voor de logistiek en de transportmarkt. Voor het bedrijf in Roemenië werken 60 man.’ De Netherlands Romanian Chamber of Commerce (NRCC), waar Wierenga actief in is, heeft een mooi boekje gemaakt dat we op onze stoel aantreffen ‘A comprehensive guide for Nearshoring to Romania’. ‘We hebben het boekje aangeboden aan het Ministerie van Economische Zaken. ’

Wierenga: ‘ Waarom zou je naar Roemenië gaan? Om een aantal redenen: voor bedrijven is Roemenië relatief dichtbij, een uurtje vliegen heen, een uurtje vliegen terug. Roemenië heeft goed opgeleide arbeidskrachten. Ze zijn betaalbaar en ze zijn flexibel. En de cultuur lijkt op de onze. Als je naar India gaat, heb je een hele andere cultuur, en het is bovendien verder weg. Dan, belangrijk punt: Roemenië maakt deel uit van de EU.’

‘Als je in Roemenië een advertentie plaatst voor een vacature is de respons groot. Ik heb het gedaan en krijg op een advertentie 300 reacties voor een toch tamelijk gespecialiseerde baan. Maar het betekent ook dat je goede mensen ook weer snel kwijt kunt raken als een ander gelijksoortig bedrijf 100 euro meer betaalt. Dan zijn ze zo vertrokken. Jonge Roemenen lijken op jonge Nederlanders, ze hebben een grote inzet en zijn super flexibel. De punctualiteit is wat minder. En een groot verschil is er op het punt van de hiërarchie. In Roemenië is het duidelijk wie de baas is, tegen onze overlegcultuur kijken ze een beetje raar aan. Verder is de gemiddelde Roemeen nogal flegmatiek, het is zoals het is, het komt zoals het komt. Dat blijkt als je met ze praat over de kwaliteit van de wegen of over de plaatselijke en landelijke politiek.’

Als je naar Roemenië gaat moet je het de thuisorganisatie wel goed uitleggen. In Roemenië zelf is belangrijk mee te doen aan Meet and Greet, je gezicht laten zien, face-to-face ontmoetingen zijn belangrijk. En je moet intern wel communiceren in het Engels en niet in het Nederlands. Maikel Kok, van NetRom software, komt vervolgens aan het woord. ‘We doen aan ontwikkeling van software, we hebben programmeurs in Roemenië. Han in ‘t Veld, onze directeur woonde in Amsterdam en kwam daar een Roemeense schone tegen. Ze zijn getrouwd en naar Roemenië verhuisd en hij begon daar met het importeren van computers. Dat was in 1998. Die handel liep goed. Met een uitstekende Roemeense technisch ingenieur heeft hij op het gegeven moment een softwaresysteem gemaakt dat erg aansloeg. Nu werken in zijn bedrijf 180 man. Het hoofdkantoor van NetRom staat in Breda, het Roemeense bedrijf in Craiova. Het bedrijf heeft 100 klanten in 11 landen en groeit met 20% per jaar zoals qua omzet als qua aantal medewerkers. In Roemenië zijn we op zoek naar academici die bovendien goed kunnen communiceren, goed Engels spreken en die zich willen ontwikkelen. NetRom verzorgt full project management op basis van no cure, no pay. Size matters, met 180 man personeel, heb je de gelegenheid wat mensen eruit te halen en een bijscholingscursus te laten volgen. Ons bedrijf is niet gericht op korte projecten, maar op lange termijn samenwerkingen.’

Kok wijst op het verloop van personeel. ‘In Roemenië is dat 9 – 15% , in India 60-80%, in Europa 24% en bij NetRom 4%. Dat komt ook door de strenge selectie. We denken ook aan het sociale aspect. We verdelen het personeel in twee teams die een goed doel mogen adopteren. Bijvoorbeeld een vervallen straat, een school voor weeskinderen. Met diverse sporten gaan de twee teams de strijd aan. De winnaar mag de projectleider van het goede doel zijn en de verliezer moet het uitvoeren. Wierenga bedankt Kok voor zijn bijdrage en zegt: ‘Je moet geen arrogante Hollandse mentaliteit hebben. Je meer papierwerk uitvoeren dan in Nederland, houd daar rekening mee. Het verdient aanbeveling een paar mensen aan te nemen die heel goed zijn in het invullen van formulieren. Het ‘geven van enveloppes’, oftewel de corruptie is me in de zakelijke sfeer meegevallen, in de privésfeer is het lastiger.’ Uit de zaal: in Roemenië hoef je niet zozeer met enveloppes te werken, maar komt het er op aan het juiste netwerk te hebben, met ook lokaal belangrijke personen. De zaal vindt daarnaast ook dat een specifieke handelsmissie met focus op nearshoring goed zou kunnen werken.

Kok: ‘Veel bedrijven vestigen zich in steden met een luchthaven. NetRom zit in Craiova, dat heeft ook vliegveld. Er zitten twee technische universiteiten. Het voordeel is dat we minder concurrentie van andere bedrijven hebben dan in Boekarest. Gerard Kuijs, vice-president van het Dutch Romanian Network introduceert na de thee de volgende spreker: Michael van Straalen, voorzitter van MKB Nederland. Van Straalen gaat met zijn microfoon het podium af en loopt voor de zaal. ‘Dat communiceert toch wat beter, vindt u niet? U, geachte aanwezigen staat in de traditie van Nederlanders die erop uit gaan, die contacten durven te leggen. Het is wel lastig zaken doen in Oost-Europa. Ik kom uit het metaalbedrijf, ik heb het zelf in in Oost-Europa geprobeerd, in Slowakije. Daar zien ze ons als rijke Nederlanders. ‘Die mensen gaan ons redden’.

Ik kreeg industrieterreinen zo groot als de Flevopolder aangeboden. Dat was wel een paar graadjes boven mijn stand. Het is me niet gelukt in Slowakije, maar ik heb er wel een huis aldaar aan overgehouden. ‘ ‘Europa is extreem belangrijk voor de economie van Nederland en voor het MKB van Nederland. 30% van wat we verdienen komt uit de export. Hét gebeurt in Europa. Duitsland is natuurlijk het belangrijkst, 80% van onze export gaat naar Duitsland. Onze export bedraagt in totaal een bedrag van 400 miljard euro en 60% daarvan komt voor rekening van het MKB. Er zijn successen, maar er is ook soms falen in Midden – en Oost-Europa. En, als je er bent, hoe groei je dan? Daar heb je de overheid voor nodig. In Nederland kan nog meer ingezet worden op MKB-ondernemingen die zich gaan vestigen in Midden en Oost-Europa. Belangrijk is dat de loonkosten in Nederland in de gaten worden gehouden. Hogere loonkosten in Nederland verergeren de kwaal. In Duitsland zijn de loonkosten tien jaar achter elkaar constant gebleven, in diezelfde periode zijn de loonkosten in Nederland met 25% toegenomen. Dat maakt dat het per eenheid product voor Nederland moeilijker concurreren is. Wat betreft de betalingstermijn die bedrijven geneigd zijn uit te rekken: daarvan zijn vooral kleine bedrijven de dupe. Er dient een actie te komen gericht op grote bedrijven dat ze beter en sneller betalen. Afsluitend wil ik zeggen: ik waardeer uw vlijt en inzet enorm. We komen elkaar nog wel tegen.’

Laurentiu Mezei van vliegtuigmaatschappij Tarom vertelde over zijn bedrijf. Tarom is eigenaar van de jongste vloot van Europa en beschikt over 24 vliegtuigen. ‘We zijn een modern en toekomstgericht bedrijf dat milieuvriendelijk is. Op 25 juni 2010 zijn we toegetreden tot Skyteam, de op een na grootste alliantie op vlieggebied.’ Vervolgens kwam Elfried Kuppens van de Mihai Nesu Foundation aan te woord. ‘Michael Nesu was profvoetballer van FC Utrecht die bij een ongelukkige botsing op een training zijn nek brak. Sindsdien is hij verlamd. We hebben een Foundation opgericht die doet aan zorg- en voetbaltaken in Roemenië. Het initiatief tot oprichting kwam van Dries Mertens, oud-speler van FC Utrecht en van PSV en door de buurman van Nesu. We helpen kinderen met handicap en we helpen kinderen bij sport. In Nederland hebben we twee voetbalscholen.’ Kuppens loopt met een balletje in een netje aan een touwtje voor het publiek en laat de bal kaatsen. ‘Dit is een van onze leermiddelen’, zegt hij ‘hiermee verbeter je de motoriek. Wesley Sneijder is met deze methode tweebenig geworden en werd vervolgens een wereldvoetballer. Ambassadeurs van onze foundation zijn Wim van Hanegem, Sander Keller, Jan Wuytens en Dries Mertens, help mee aan onze foundation en kijk naar http://www.mihainesufoundation.com .’

Toen was het tijd voor de paneldiscussie. In het panel: Mario Schoofs (bedrijf Wim Bosman), Dennis van Peppen (Agentschap NL), Pieter Jan Wolthers, oud-ambassadeur Roemenië, Herman Wierenga (Ortec) en Ruud van Dusschoten (ING). Er verschijnen een aantal stellingen op het scherm.
Zijn Nederlandse ministers bang voor Red, Yellow and Blue? Wolthers: ‘Die stelling is juist. Men reist weinig naar Roemenië.’
De Nederlandse media zijn goed/slecht geïnformeerd over Roemenië? De zaal: Nederlandse media zijn slecht geïnformeerd. Wierenga: ‘De NRC is goed.’ Van Peppen: ‘Er is wel aandacht voor successen van ondernemingen in Roemenië.’
Meer sociale en culturele uitwisseling met Roemenië? Van Dusschoten: ‘Zeker’. Uit de zaal: Je moet Roemenië als toeristisch gebied beter bekend maken. Gerard Kuijs: ‘Als DRN gaan we het toerisme volgend jaar op de agenda zetten.’
Een tsunami van Nederlanders naar Roemenië? Wierenga. ‘Dat niet meteen, maar Nederlandse afgestudeerden zie ik steeds meer naar Roemenië komen, ook omdat de arbeidsmarkt in Nederland moeilijk is. Van Peppen: ‘Er komen steeds meer studenten uitwisselingsprojecten en daarnaast steeds meer MKB uitwisselingsprojecten. Wel is er nog een slag te maken op het gebied van de efficiency in Roemenië.’ Schoofs: ‘We moeten niet arrogant zijn.’ Van Peppen: ‘Je moet af en toe flink pálinka met ze drinken.’

Uitreiking Romanian Business Award

Op het podium staan Pieter Jan Wolthers en mevrouw Ireny Comaroschi, Ambassadeur voor Roemenië in Nederland. Wolthers is voorzitter van de Raad van Advies van het Dutch Romanian Network. ‘De jury heeft zich beraden op ondernemers die zich zeer bijzonder hebben onderscheiden’, begint Wolthers zijn verhaal. ‘We hebben een aantal criteria opgesteld. Het moest om meer gaan dan om productie en verkoop alleen. We hebben ook aandacht geschonken aan wat we noemen ‘community-investment’. Financieel gewin speelt een rol, maar daarnaast ook de prestatie op het vlak van de cultuur, het onderwijs, de humanitaire situatie, kortom wat de Engelstaligen noemen Corporate Social Responsabilty (CSR).’

‘We hebben de kandidaten goed bestudeerd en vergeleken. Een kandidaat stak er met kop en schouder boven uit. Dames en heren, de winnaar is: Raymond Janssen. Hij is zakenman, maar noemt zich geen zakenman. Hij is vooral een cultureel entrepreneur. Onlangs dirigeerde hij voor een uitvoering van de Carmina Burana het New Romanian Orchestra in het Concertgebouw.’ ‘Dit is voor wat mij betreft een erkenning dat cultuur de verbindende factor kan zijn voor ondernemers die zich succesvol in Roemenië willen vestigen. Trouwens niet alleen in Roemenië, maar ook wereldwijd geldt dat.’ Raymond Janssen, in zijn dankspeech: ‘De Roemenen hebben zo’n culturele rijkdom, daar moet je absoluut op inzetten. Cultuur is de mengsmering die ervoor zorgt dat niet alleen een auto, maar alles beter loopt.‘ Ambassadeur Ireny Comaroschi prees Raymond Janssen voor zijn inzet voor de Cadenza European Art Productions, feliciteerde hem en overhandigde hem een speciale postzegelset met postzegels uit Roemenië.

Bronnen en lees verder:Dutch Romanian network,Cadenza-productions