Zoals beloofd, zou ik iets over TDM schrijven. TDM staat voor Tourism Destination Management, maar de T van toerisme mag rustig een andere letter worden voor onverschillig welke andere branche, want wat bedoeld wordt met “Destinatie Management” is in feite een universeel inzetbare gedachte voor iedere bedrijfstak waarin verschillende branches met elkaar kunnen samenwerken om hun resultaten te verbeteren. Binnen de Nederlandse “polder” cultuur is overleggen een zo algemeen geaccepteerde en bekende techniek, dat Nederlanders vaak al overleggen (Destinatie Management bedrijven) zonder het te beseffen. Destinatie Management is eigenlijk niets meer dan het bij elkaar brengen en coördineren (managen) van branches om tot een maximaal renderende resultaat te komen. Omdat ieder van de branches haar eigen prioriteiten heeft, kan een externe coördinator of manager het verschil maken.

In landen als Hongarije, zonder uitgebreide overleg culturen, zijn begrippen als “Destinatie Management” onbekend en worden onder omstandigheden ((traditionele) onbekendheid, persoonlijke macht en/of zelfverrijking) gevaarlijk gevonden. De uitgebreide Nederlandse bekendheid met overlegstructuren op verschillende niveaus kan de Nederlandse Ondernemer buiten Nederland grote diensten bewijzen wanneer de Nederlandse ondernemer beseft welke waardevolle kennis hij – in meer of mindere mate en misschien zelfs wel onbewust – beheerst. Het toeristische TDM is misschien een verwarrende benaming in die zin, dat destinatie zowel gelezen kan worden als een zakelijk doel en als een toeristische bestemming. Zelfs de letter M van Manager wordt soms door de M van Marketing vervangen! Voor wat betreft de betekenis van Destinatie zijn beide begrippen – in ieder geval in Hongarije – belangrijk. Hongarije heeft behoefte aan meer of beter zichtbare toeristische bestemmingen (attracties en bezienswaardigheden), maar een meer en beter toerisme is ook een duidelijk doel, een bestemming, voor het Hongaarse toerisme.

Maar eerst, voor een verdere duidelijkheid, dit artikel gaat over recreatietoerisme en niet over het uitgebreide toerisme zoals dat door de VN is omschreven en bedoeld, waarbij ieder verblijf van minder dan een jaar ergens anders dan thuis, met uitzonderingen voor ziekenhuis opname, militaire en/of soortgelijke dienstverlening en gevangenschap, toerisme is! Zonder dat de meeste toeristen het beseffen zijn de toeristen minimaal betrokken bij twee hoofdbranches. Om het belang van TDM voor landen als Hongarije toe te lichten, zal ik eerst de belangrijkste onderdelen en voorwaarden voor een goed Toerisme aanhalen. De ene branche zorgt voor slaapplaatsen, die vertegenwoordigd worden door nog weer andere branches: hotel-, pension-, B&B-, Zimmer Frei, camping-, dorpstoerisme- (ofwel slapen bij de boer) enz branche. De tweede hoofdgroep omvat de toeristische bestemmingen of doelen. Die branche omvat alles waar toeristen in feite voor komen, de bezigheden of bezienswaardigheden zoals de musea, de pretparken, de verschillende sporten (zowel als beoefenaar of als bezoeker (individueel en als grotere of kleinere groep)), paardrijden, de kuurbaden maar ook culturele evenementen: concerten en zo. In het oude traditionele Hongaarse toerisme (waar ik in het vorige artikel over schreef) werden de toeristische bestemmingen niet of nauwelijks als toerisme herkend. Hotels, dat was toerisme(!), zonder zich te realiseren dat toeristenhotels (verblijfplaatsen), zonder (toeristische) bestemmingen niet van toeristische waarde zijn, net zo, als (permanente) toeristische bestemmingen zonder slaapplaatsen minder blijvende waarde hebben. Het toeristische branche-ideaal is het in balans houden van de toeristische verblijfsmogelijkheden samen met de toeristische bestemmingen, zo, dat zowel de verblijfplaatsen als de bestemmingen een minimale overcapaciteit hebben. Een balans, zowel capacitief (hoeveelheden toeristen) als kwalitatief (een overeenstemmend niveau), wat wil zeggen dat luxe toeristen de beschikking hebben over luxe bestemmingen en eenvoudige toeristen over eenvoudige bestemmingen, zonder elkaar te storen. Natuurlijk staat het de toeristen vrij om van iedere soort verblijfplaats of bestemming te genieten maar, en dat lijkt mij een van de weinige voordelen van classificatiesystemen, met respect voor elkaar en op voorwaarde dat de toeristen zich aan de klasse waar(in) zij zich bevinden aanpassen.

De dagelijkse praktijk in Hongarije is dat, door de vroegere staatspraktijk, hotels nog altijd de overhand hebben met een – naar internationale normen – duidelijke onderbezetting. Natuurlijk, bekende beroemde plaatsen en streken zoals Boedapest, de Donauknie (de streek langs de Donau tussen Boedapest en Esztergom), het Balatongebied en steden als Sopron, Eger, Kecskemét en Szeged, profiteren van hun naamsbekendheid en tonen daardoor betere statistische resultaten dan de rest van het land. Diezelfde regio’s en plaatsen bieden daarom ook meer kansen voor alle andere soorten verblijfplaatsen. Debet daaraan zijn daar de culturele en historische erfgoederen die de basis vormen voor alle andere vormen van recreatie en gastronomie. Verder in het land zijn er veel onderbezette hotels die vaak bestaan op basis van subsidies en thermaal baden en campings, kampeerplaatsen, die door particulieren zijn ontwikkeld op zo goedkoop mogelijk verkregen grond, met zo goedkoop mogelijke investeringen, op plaatsen waar niet gelet is op de aanwezigheid van voldoende en/of voldoende kwalitatieve en/of voldoende gevarieerde bestemmingen (zoals bedoeld in de vorige alinea) en daardoor geen grote toeristentrekkers zijn. In wezen een sombere beeld dat met de juiste (Nederlandse) aanpak wel degelijk een grote toekomst kan hebben. Immers, wanneer in de omgeving van de verblijfplaatsen bezienswaardigheden en andere toeristische bestemmingen worden gecreëerd zullen de regio’s waar nu al (onvoldoende) toeristen komen toeristische trekpleisters worden. Sommige hoteleigenaren en -ketens hebben intussen al hun vermoedens, en investeren in attracties voor hun eigen gasten. Hun achterliggende gedachte is gebaseerd op de aantrekkelijkheid van hun eigen verblijfplaats en concurrentie naar “collega’s. Dat de kosten van de investeringen niet altijd, of meestal niet, in verhouding staat tot de gastencapaciteit van de verblijfplaats, schaadt de investering en later ook het onderhoud.

Wanneer echter meerdere verblijfplaatsen gezamenlijk investeren in recreatieve bestemmingen en/of de recreatieve bestemmingen tussen de verblijfplaatsen worden gepositioneerd, praten we over afzonderlijke bedrijvigheden die gebruik maken van de verblijfplaatsen, of een gemeenschappelijke nevenactiviteiten die, door hun geaardheden niet concurreren met de partners in een regio. Sterker nog, het toevoegen van recreatieve mogelijkheden aan een bestemming laat het aantal toeristen stijgen en helpt daarmee de lokale toeristische verblijfsomzet. Zulke specifiek recreatieve objecten bieden bovendien recreatie aan toeristen van méér verblijfplaatsen, waardoor de investering sneller worden terug verdiend.

Toeristisch Management in deze betekenis stuurt en coördineert de toeristische ondernemers op een – bij voorkeur – onafhankelijke manier naar kwalitatieve en kwantitatieve gelijkwaardige niveaus. Vanuit een belastinginkomsten belang zouden gemeentelijke en provinciale bestuurders, plaatselijk en regionaal, maar hoe dan ook onafhankelijk van toeristische zakelijke belangen, kunnen bemiddelen. Zoals VVV kantoren in Nederland (Tourinform in Hongarije) toerist georiënteerd werken, zo zouden TDM afdelingen van gemeenten ondernemer gericht kunnen begeleiden, sturen, coördineren, op basis van informaties die door de Tourinform bureaus van toeristen worden ontvangen.

Zo werkt het nu nog niet. Gemeenten die TDM commissies hebben, schaffen ze zelfs weer af, omdat TDM te vaak gebruikt wordt als marketing instrument, zonder te weten wat TDM eigenlijk inhoudt en zonder resultaat op korte termijn. Nederlandse ondernemers met uitstekende ervaringen op dit gebied kunnen door lobbyen bij gemeentebesturen en collega’s in het grote toerisme goede resultaten boeken, wanneer ze tenminste onder elkaar het goede voorbeeld geven. De aangereikte TDM mogelijkheden bieden Nederlandse ondernemers goede mogelijkheden in Hongarije, zonder de Hongaren te beconcurreren. Sterker nog, zij versterken de zakelijke kansen voor hun Hongaarse collega’s.